23 april 2021

Op 89% van de basisscholen is een schoolbibliotheek ingericht (Cito, 2014). In 2007 ging het nog om 85% (Cito, 2007). Het aantal scholen met een eigen bibliotheek is internationaal gezien laag (Expertisecentrum Nederlands, 2017). Er zijn minder scholen met veel leerlingen uit sociaal zwakkere milieus die over een schoolbibliotheek beschikken (Monitor de Bibliotheek op school, 2013). Deze kinderen kunnen er in het bijzonder baat bij hebben: hun ouders besteden minder aandacht aan leesopvoeding.

Een boekencollectie op de basisschool bestaat gemiddeld uit zeven papieren en veertien digitale boeken per leerling (Koninklijke Bibliotheek, 2021; Koninklijke Bibliotheek, 2020). 78% van de basisscholen beschikt over een eigen boekencollectie, terwijl 37% (hiernaast) gebruik maakt van een wisselcollectie van de openbare bibliotheek (Cito, 2014). Op 37% van de basisscholen kunnen de boeken en leesmaterialen mee naar huis worden genomen. 17% van de scholen biedt tevens toegang tot digitale boeken (Expertisecentrum Nederlands, 2017).

Kinderen die meer boeken lenen bij de schoolbibliotheek, lenen er over het algemeen minder bij de openbare bibliotheek – en andersom. Dit duidt op een vervangingseffect tussen deze beide kanalen om boeken te lenen (Probiblio & Pleiade Management, 2019).

Doelgroep(en)