Citeren? Stichting Lezen - Leesmonitor(2026). De Bibliotheek op school steeds meer in zwang. https://www.lezen.nl/onderzoek/de-bibliotheek-op-school-steeds-meer-in-zwang/.
9 juli 2026

Steeds meer basis- en middelbare scholen en instellingen voor beroepsonderwijs werken structureel aan leesbevordering volgens de landelijke aanpak de Bibliotheek op school. Deze scholen werken samen met de openbare bibliotheek aan het vergroten van de leesmotivatie en leesvaardigheid van hun leerlingen.

Bibliotheken: dekking nagenoeg volledig

125 basisbibliotheken werken anno 2025 aan de uitrol van de Bibliotheek op school of andere, vergelijkbare vormen van educatieve dienstverlening. Dit betreft een landelijke dekking van 98%. Dit aantal is nagenoeg even hoog als een jaar eerder. 

Aantal deelnemende scholen groeit

3.955 basisscholen hanteren de aanpak van de Bibliotheek op school of andere, vergelijkbare vormen van educatieve dienstverlening. Dit betreft een dekking van 65%, terwijl het de jaren daarvoor ging om 60% (2024) en 52% (2023). Deze groei komt grotendeels dankzij de subsidieregeling Masterplan basisvaardigheden. In totaal worden er bijna 800.000 basisscholieren bereikt, 9% meer dan de ruim 720.000 in het jaar ervoor. 

In het voortgezet onderwijs, waar de aanpak zich hoofdzakelijk richt op het vmbo, ligt het bereik anno 2025 op 482 middelbare scholen. Dit is anderhalf keer zoveel als het jaar ervoor (322 scholen). Daarmee ligt het bereik onder middelbare scholen op 33%, terwijl het een jaar eerder nog ging om 22%. Deze groei komt grotendeels voort uit de subsidieregeling Masterplan basisvaardigheden. Het merendeel van de deelnemende scholen biedt, in lijn met de doelstelling, vmbo aan. Er worden in totaal ruim 220.000 middelbare scholieren bereikt, 50% meer dan de 147.000 een jaar eerder. 

In het speciaal onderwijs (inclusief het speciaal basisonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs) doen er 295 scholen mee aan de Bibliotheek op school of andere, vergelijkbare, vormen van educatieve dienstverlening. Dit is een flinke toename ten opzichte van een jaar eerder (21%). De landelijke dekking ligt daarmee nu op 35%. 

In het mbo werken anno 2025 respectievelijk 94 opleidingen met de aanpak van de Bibliotheek op school. Dit is een landelijke dekking van 17%. Een kwart van de mbo-locaties waarmee wordt samengewerkt betreft opleidingen pedagogisch werk en onderwijsassistent. Voor de pabo geldt dat er met 20 instellingen wordt samengewerkt volgens de aanpak de Bibliotheek op school: de helft van het totaal (Paboweb, 2024). 

Bij de opleiding mbo pedagogisch werk en onderwijsassistent en op de pabo’s richt de aanpak zich zowel op de leesmotivatie en leesvaardigheid van de studenten zelf als op hun toekomstige rol als leesbevorderaar in de beroepspraktijk.

Ambities en doelen aanpak 

De Bibliotheek op school streeft naar een positief leesklimaat op de school. Deze krijgt de vorm van een langdurige samenwerking tussen de bibliotheek en de school. De leesmediaconsulent van de openbare bibliotheek komt een vast aantal uren per week op de school. De aanwezigheid van een leescoördinator, een docent die leesbevordering op de school aanjaagt, is verplicht, met als advies 80 taakuren per jaar. 

De bibliotheek en de school werken samen aan een rijke, gevarieerde en actuele boekencollectie op de school. De boeken staan frontaal opgesteld in verrijdbare kasten, om ze aantrekkelijker te maken, en er wordt gebruik gemaakt van de collectie e-boeken van de online bibliotheek. Tevens heeft de schoolbibliotheek ruime openingstijden, zijn leerlingen automatisch lid en kunnen ze de boeken mee naar huis nemen.

Scholen die meedoen aan de Bibliotheek op school borgen leesbevordering in het beleidsplan. Hiernaast maakt de school een leesplan met een visie, doelen en jaarprogramma op het gebied van lezen. Scholen met de Bibliotheek op school besteden dagelijks ten minste 15 minuten per dag aan leesbevorderingsactiviteiten, zoals vrij lezen, voorlezen en praten over boeken. De bouwstenen van deze bewezen effectieve samenwerking staan beschreven in een praktijkkaart voor de interventie (Education Lab, 2021).  

Meeste deelnemende scholen vullen monitor in 

Het merendeel van de scholen die deelnemen aan de Bibliotheek op school heeft in 2025-2026 de Monitor de Bibliotheek op school ingevuld. Het gaat om 3.045 scholen in het primair onderwijs (77%), 354 scholen in het voortgezet onderwijs (73%), 52 mbo-locaties (55%) en 14 pabo’s (70%). De Monitor is een belangrijke component in de samenwerking tussen de bibliotheek en de school. De Monitor geeft op landelijk niveau bovendien inzicht in de implementatie en impact van de aanpak (Monitor de Bibliotheek op school, 2026). 

Leesklimaat in po en vo redelijk tot goed op orde 

De meerderheid van de scholen die werken met de Bibliotheek op school in het primair en voortgezet onderwijs en de Monitor invullen, heeft de randvoorwaarden voor een positief leesklimaat redelijk tot goed op orde. 

Driekwart van de scholen in het primair onderwijs beschikt over een leesplan. 96% huisvest een schoolbibliotheek. De collectie bevat gemiddeld negen boeken per leerling (het landelijk advies is acht). 82% heeft één of meerdere opgeleide leescoördinatoren (meer dan het landelijk gemiddelde) (Monitor de Bibliotheek op school, 2026). 

In het voorgezet onderwijs geeft ongeveer de helft van de scholen aan dat er een leesplan is. 70% van de scholen heeft een werkgroep taalbeleid. 82% van de scholen huisvest een mediatheek, en bij 38% werkt daar een professionele mediathecaris (meer dan het landelijk gemiddelde) (Monitor de Bibliotheek op school, 2026). 

Veel scholen staan het niet toe om de boeken mee naar huis nemen. Op 30% van de scholen voor primair onderwijs mogen kinderen de boeken onvoorwaardelijk mee naar huis nemen. Op nog eens 15% van de scholen mag dat onder bepaalde voorwaarden, zoals alleen in de schoolvakanties, en op de overige 55% van de scholen gebeurt dit helemaal niet. In het voortgezet onderwijs liggen de aantallen hoger: 81% van de scholen met een mediatheek laat leerlingen boeken lenen voor thuis (Monitor de Bibliotheek op school, 2026). 

Verbetering leesklimaat mogelijk in mbo 

In het middelbaar beroepsonderwijs is verbetering mogelijk. Ruim de helft van de mbo-locaties beschikt over een taalbeleidsplan en een ruime meerderheid van de locaties heeft een taalcoördinator (85%). Minder dan eenderde van de mbo-locaties beschikt echter over een leesplan en een minderheid (44%) huisvest een mediatheek. Bij de locaties met mediatheek, is op een derde een professionele mediathecaris actief. Vanwege de relatief lage respons op de monitor (55%) en een lage deelnamegraad van mbo-locaties aan de Bibliotheek op school (17%) kunnen deze resultaten niet gebruikt worden om conclusies te trekken op landelijk niveau (Monitor de Bibliotheek op school, 2026).

Voor pabo’s is het beeld positiever, zij het dat ook hier de representativiteit door de kleine aantallen beperkt is. Ruim de helft van de pabo’s heeft een taalbeleidsplan en een taalcoördinator. Tweederde heeft een leesplan. 89% van de pabo’s huisvest een mediatheek en daarvan heeft 62% een professionele mediathecaris (Monitor de Bibliotheek op school, 2026).