Een zeldzame combinatie
Slechts 77 vo-scholen in Nederland hebben zowel een eigen mediatheek met professionele mediathecaris, als ondersteuning van een leesmediaconsulent van de openbare Bibliotheek. Stichting Lezen deed onderzoek naar de zeldzame combinatie. Wat levert deze unieke samenwerking de school, en de Bibliotheek, op? Marleen Kieft ging in opdracht langs bij vijf van de 77 scholen en interviewde de mediathecaris en leesmediaconsulent. Het ds. Pierson College is één van deze scholen.
Personalia
Emmy van Ruijven is mediathecaris op het ds. Pierson College, school voor vmbo, havo en vwo, sinds 2018. Daarvoor was ze docent beeldende kunst en mediacoach, en heeft ze in een bibliotheek gewerkt. Die combinatie van werkervaring komt goed van pas in de mediatheek.
Helga Haak werkt sinds twaalf jaar bij Huis73 te Den Bosch en is leesmediaconsulent in basisonderwijs, voortgezet onderwijs en mbo. Voordat ze leesmediaconsulent werd, heeft ze jarenlang in het onderwijs gewerkt.
ds. Pierson College & de Bibliotheek op school
Werkt met de Bibliotheek op school sinds:
2015
Mooi moment:
De afgelopen jaren hebben al heel wat vo-scholen en bibliotheekorganisaties het ds. Pierson College bezocht om te zien hoe de samenwerking tussen docenten, mediatheek en bibliotheek in de praktijk werkt.
Hobbel:
Er waren technische problemen met de bibliotheekpassen voor de leerlingen die maandenlang voortduurden. Om dat soort dingen sneller op te kunnen lossen, heeft Van Ruijven extra bevoegdheden gekregen binnen het bibliotheeksysteem. Zij kan bijvoorbeeld nu zelf schoolvakanties doorvoeren in het systeem en dat voorkomt onterechte boetes voor leerlingen. In de vakantie kunnen leerlingen immers geen boeken inleveren.
Quote:
“Onterechte boetes door schoolvakanties lijken misschien een detail, maar zulke details zijn echt van grote invloed. Door iets kleins kun je leerlingen zomaar kwijtraken.”
Inspirerend:
In het schoolmagazine staat een rubriek genaamd ‘Het favoriete boek van…’ waarin docenten vertellen over een boek dat ze voor het voetlicht willen brengen. Zo’n rubriek draagt eraan bij dat docenten die actief bezig zijn met lezen zichtbaar worden in de schoolorganisatie.
De samenwerking tussen het ds. Pierson College en Huis73 in het kader van het programma de Bibliotheek op school is uniek voor Den Bosch. Het is de enige Bossche vo-school met mediathecaris waar Huis73 mee samenwerkt.
Ontstaan en verloop van de samenwerking
De mediatheek op het ds. Pierson College heeft de afgelopen tien jaar grote veranderingen doorgemaakt. School en bibliotheek begonnen hun onderlinge samenwerking toen er keuzes gemaakt moesten worden over de verbouwing van de mediatheek. Haak benadrukt dat een samenwerking altijd moet starten met een gesprek over visie: “Je moet altijd eerst een visiegesprek voeren. Eerst de why en de how en dan pas de what”. Van Ruijven begon aanvankelijk als mediathecaris met een kleine aanstelling van één dag per week. Dat groeide al snel uit naar vier dagen. Inmiddels werken Van Ruijven en Haak nauw samen, waarbij Van Ruijven zich vooral richt op de leerlingen en Haak vooral op de docenten. Daarvoor heeft Haak een dagdeel per week ter beschikking. Ze is vaak op de school te vinden, want Huis73 vindt het belangrijk dat leesmediaconsulenten regelmatig op hun scholen aanwezig zijn, ook als er geen activiteiten of afspraken gepland staan. Dat helpt bij het leggen van contact met leerlingen en docenten.
Meerwaarde
Leesbevordering in het voortgezet onderwijs staat of valt met persoonlijk contact, vinden Van Ruijven en Haak. Korte contactmomenten met leerlingen over boeken zijn cruciaal, zoals ‘Wat vind je leuk? Hou je van spanning of van sport?’. Juist die persoonlijke band is iets wat een mediathecaris met pedagogische en didactische vaardigheden kan bieden, maar een leesmediaconsulent met een beperkt aantal uren per school niet. Van Ruijven gaat dikwijls de klassen in om boeken te promoten, maar ze praat ook veel met leerlingen in de mediatheek. Vaak komen ze om een boek te lenen of terug te brengen, maar soms ook voor een gesprek. “Dan ontstaan mooie kansen om leerlingen persoonlijke leesadviezen te geven.”
Haak weet uit ervaring dat op vo-scholen zonder mediathecaris de samenwerking tussen bibliotheek en school minder soepel verloopt. “Dan blijf je lang op het praktische niveau hangen en ben je vooral bezig met collectiebeheer. Terwijl leesmediaconsulenten er eigenlijk voor beleid en inhoud zijn en voor het begeleiden van docenten.” Haak legt op verschillende manieren contact met docenten. Ze voert bijvoorbeeld informele gesprekken met docenten in de wandelgangen en in de personeelskamer. Ze organiseert bijeenkomsten voor vakdocenten, waar ze onder andere laat zien hoe boeken ingezet kunnen worden in het vakonderwijs. “Docenten maken tijdens zulke bijeenkomsten kennis met nieuwe titels, wat vaak ook leidt tot aanschafsuggesties.”
Beide geïnterviewden zijn ook altijd op zoek naar niet-taaldocenten die binnen hun vakgebied veel met boeken en lezen bezig zijn. Zo bleek een van de geschiedenisdocenten heel enthousiast met boeken bezig te zijn in zijn lessen. Zulke docenten zijn geweldige kartrekkers voor het werken aan leesbevordering. Dat kan heel klein en eenvoudig, bijvoorbeeld door na een vakantie eens iets te vertellen over een boek dat ze hebben gelezen.
Leesbevorderende activiteiten
De Bibliotheek op school op het ds. Pierson College is met name gericht op leesbevordering. Dankzij een tijdelijke subsidie hebben school en bibliotheek ook samengewerkt op het gebied van mediawijsheid, namelijk voor het project Verse algoritmes. Gedurende twee jaar waren er verschillende activiteiten, zoals workshops, gastsprekers en interactieve werkvormen. Na afloop van de subsidieperiode heeft de school een selectie gemaakt van activiteiten die het meest succesvol bleken. Die zijn nu duurzaam geïmplementeerd in het curriculum en worden nu zelfstandig georganiseerd door de mediathecaris in samenwerking met het docententeam. “We hebben eigenlijk overgenomen wat Huis73 eerst deed.”
Al die activiteiten hebben effect, zo blijkt uit de uitleencijfers. Het gemiddelde aantal geleende boeken per leerling ligt op het ds. Pierson College namelijk aanzienlijk hoger dan het gemiddelde aantal geleende boeken in dezelfde leeftijdsgroep in de gemeente Den Bosch (3,01 versus 0,85 boeken per leerling per jaar; e-books zijn niet meegenomen in deze gemiddelden). Ook op scholen waar de leerlingen wel een bibliotheekpas krijgen, maar waar verder weinig begeleiding bij het lezen wordt geboden, komen de uitleencijfers laag uit en soms zelfs onder het stadsgemiddelde in dezelfde leeftijdsgroep. Haak concludeert: “Scholen denken wel eens: als wij de leerlingen een biebpas verstrekken, hebben wij ons ding gedaan. Maar dat is dus echt niet het geval!”