Lagere leesprestaties basisscholieren met migratieachtergrond
Basisscholieren met een migratieachtergrond presteren gemiddeld lager op leesvaardigheid in het Nederlands dan leerlingen zonder migratieachtergrond (Expertisecentrum Nederlands, 2023; Inspectie van het Onderwijs, 2025). Dit verschil is door de jaren heen nagenoeg even groot gebleven (Expertisecentrum Nederlands, 2023).
Groep 8-leerlingen met een niet-Europese migratieachtergrond zijn minder leesvaardig dan leerlingen zonder migratieachtergrond of met een Europese migratieachtergrond. Zij presteren minder goed op lezen: het begrijpen, interpreteren, evalueren en samenvatten van zakelijke en fictieve teksten. Ook zijn ze minder vaardig in taalverzorging: spelling, interpunctie en grammatica. Groep 8-leerlingen met een migratieachtergrond van de tweede generatie presteren sterker ten opzichte van de eerste generatie. Dit komt mogelijk doordat kinderen van de eerste generatie korter in Nederland zijn, en dus minder kans hebben gehad om Nederlands te leren (Inspectie van het Onderwijs, 2024).
Lagere leesprestaties middelbare scholieren met andere thuistaal
Vijftienjarige leerlingen die thuis een andere taal spreken dan het Nederlands, scoren gemiddeld lager op Nederlandse leesvaardigheid dan leerlingen die thuis Nederlands spreken. Dit geldt voor zowel Europese als niet‑Europese thuistalen. Leerlingen met een andere Europese thuistaal zijn wel vaardiger dan leerlingen met een niet-Europese thuistaal (Meelissen et al., 2023).
Aan het einde van de tweede klas van de vmbo gemengde en theoretische leerweg en havo/vwo is er een (zwakke) samenhang tussen thuistaal en leesprestaties. Leerlingen die thuis geen Nederlands, Fries of Nederlands dialect spreken, scoren dan gemiddeld iets lager op leesvaardigheid (Inspectie van het Onderwijs, 2024).
Maatschappelijke positie bepalender dan migratieachtergrond
Basisscholieren presteren niet zozeer lager op leesvaardigheid door hun migratieachtergrond; dit komt eerder door de maatschappelijke positie van hun ouders. Als de onderzoekers rekening houden met opleidingstype en inkomen, behalen leerlingen met een migratieachtergrond (eerste en tweede generatie) aan het eind van groep 8 zelfs iets vaker het streefniveau (2F-niveau) dan leerlingen zonder migratieachtergrond (Inspectie van het Onderwijs, 2025).
De lagere leesprestaties van 15-jarigen met een migratieachtergrond laten zich deels verklaren door het opleidingstype van hun ouders. Daarnaast blijft het verband tussen leesprestaties en migratieachtergrond bestaan (Aalders et al., 2020).
Invloed van welvaart en rijke taalomgeving
Een andere verklaring zijn verschillen in de toegang tot voorzieningen thuis, zoals educatieve hulpmiddelen en culturele bezittingen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om de aanwezigheid van een (stille) ruimte om huiswerk te maken, de beschikbaarheid van klassieke literatuur en een computer met internetverbinding. Deze voorzieningen vergroten de kans om uit te groeien tot een vaardige lezer. Leerlingen zonder migratieachtergrond beschikken vaker over deze voorzieningen dan leerlingen met een migratieachtergrond (Aalders et al., 2020).
Ander onderzoek laat zien dat een rijke taalomgeving en een ruim taalaanbod een grotere invloed hebben op de taal- en leesvaardigheid dan de thuistaal (Hoogeveen & Bonset, 2018; Van der Pluijm et al., 2021; Bruggink et al., 2022). Ook zijn de mate waarin meertaligheid wordt benut in het (lees)onderwijs, verwachtingen van leraren en kansenongelijkheid van invloed op de taal- en leesprestaties van meertalige kinderen (Agirdag, 2020).