Tomke
Peuters, ouders en pedagogisch medewerkers in de kinderopvang maken kennis met leesbevorderende materialen en activiteiten in de Friese taal. De verhalen, opzegversjes, liedjes en spelletjes die in het kader van dit leesbevorderingsprogramma worden gemaakt, gaan over de Friestalige, avontuurlijk ingestelde peuter Tomke. Vanaf 2026 krijgt Tomke een opvolger: de iets oudere peuters Tys en Teske nemen het stokje over.
Er verschijnt jaarlijks een Tomke-boekje, dat tijdens de ‘Lês-mar-foar-wiken’ (de Friese Voorleesdagen) in september aan ouders met peuters en kleuters in Friesland wordt uitgedeeld. De oplage in 2024 betrof bijna 29.000 exemplaren, ruim 1000 minder dan het jaar ervoor. Er is tijdens de ‘Lês-mar-foar-wiken’ op 430 kinderdagverblijven en peuterspeelzalen uit het Tomke-boekje voorgelezen. Dit betreft een nagenoeg volledige dekking onder kinderdagverblijven en peuterspeelzalen in Friesland.
Het hele jaar door zijn er een website en app beschikbaar, met verhalen, liedjes, filmpjes en spelletjes voor peuters, alsmede informatie over leesbevordering voor ouders en pedagogisch medewerkers. De website trok in 2024 bijna 12.000 bezoekers, terwijl de app ruim 2.300 keer is gedownload.
Bijna de helft van de ouders zegt het Tomke-boekje te hebben gekregen bij het kinderdagverblijf of peuterspeelzaal en een kwart bij de bibliotheek. Negen op de tien ouders geeft aan het belangrijk te vinden dat Tomke de Friese taal stimuleert. Een even grote groep leest zelf voor aan hun kinderen uit de Tomke-boekjes. De helft zegt dankzij Tomke meer te zijn gaan voorlezen in het Fries. Ongeveer een derde vindt dat Tomke bijdraagt aan de taalontwikkeling van kinderen, zowel in het Nederlands als in het Fries (Partoer, 2018).
LêsNo
Brugklassers lezen in dit transmediale leesbevorderingsproject een boek in de Friese taal, gaan aan de slag met een ander medium, zoals internet en televisie, en krijgen een lessenserie in het Fries aangeboden. Het andere medium bestond in de elfde editie in 2025 uit een aantal QR-codes in het boek die verwezen naar 3D-animaties. Er hebben 36 middelbare scholen meegedaan aan LêsNo, bijna 3% meer dan de 35 een jaar eerder. Het aantal deelnemende leerlingen is gedaald met 7%, van 5.250 naar 4.892.