Citeren? Stichting Lezen - Leesmonitor(2022). Basisscholen maken vooral tijd voor vrij lezen en voorlezen. https://www.lezen.nl/onderzoek/basisscholen-maken-vooral-tijd-voor-vrij-lezen-en-voorlezen/.
20 april 2022

Activiteiten leesbevordering

Basisscholen ruimen steeds meer lestijd in voor activiteiten die in het teken staan van leesplezier. Het aantal leerlingen dat dagelijks ‘vrij leest’ op school is sinds 2001 bijna verdubbeld, van 45% naar 87% (Expertisecentrum Nederlands, 2017). Zij doen dit gemiddeld ongeveer anderhalf uur per week, oftewel ruim een kwartier per dag. Dit is het geval in de groepen 4 tot en met 8 (Monitor de Bibliotheek op school, 2013).

Het voorlezen in de klas nam tot 2011 eveneens toe, maar daalde in de daaropvolgende vijf jaar. 55% van de docenten las in 2016 dagelijks voor aan de groep, tegen 65% in 2011. 44% liet leerlingen in 2016 hardop voorlezen, tegen 60% in 2011 (Expertisecentrum Nederlands, 2017). Voorlezen gebeurt vooral in de onderbouw. Tot en met groep 3 maken vrijwel alle leerkrachten er een paar keer per week tijd voor vrij. In groep 7 en 8 is dit nog de helft (Monitor de Bibliotheek op school, 2013).

Een kleiner aantal leerkrachten schenkt aandacht aan andere leesbevorderende activiteiten. 63% van de docenten organiseert weleens een boekintroductie, 21% praat individueel met leerlingen over boeken en 40% doet dit in groepsverband, 65% vraagt leerlingen weleens om zelf een verhaal of gedicht te schrijven, 36% organiseert creatieve activiteiten rondom een boek, en 29% zet verhalende boeken in bij de zaakvakken (DUO Onderwijsonderzoek, 2019). Toetsen en opdrachten bij het lezen en voorlezen raken minder in zwang. 66% van de leerkrachten laat leerlingen spreekbeurten houden over gelezen boeken (dit was 84% in 2005), terwijl 50% hun de opdracht geeft om een boekverslag te schrijven (dit was 62% in 2005) (Cito, 2014).

Vrijwel alle leerkrachten overleggen regelmatig met hun team en/of directie over leesbevordering (Monitor de Bibliotheek op school, 2013). Bovendien nemen vrijwel alle leerkrachten met hun leerlingen een of meerdere keren per jaar deel aan een campagne (DUO Onderwijsonderzoek, 2019). Zo doet 95% mee aan activiteiten in het kader van de Kinderboekenweek en 39% van regionale voorleeswedstrijden (Cito, 2014).

Leesgedrag docenten

Twee derde van de leerkrachten geeft aan weleens kinderboeken te lezen in de vrije tijd (DUO Onderwijsonderzoek, 2019). Dit is minder dan de drie kwart tien jaar geleden (La Roi, 2010). Vier op de tien leerkrachten lezen ten minste wekelijks een kinderboek in de vrije tijd. Van een lijst met twintig recente kinderboeken (voor ofwel de onderbouw ofwel de bovenbouw) geeft twee derde van de docenten aan geen enkele titel te hebben gelezen (DUO Onderwijsonderzoek, 2019).

Leerkrachten lezen vaker dan de gemiddelde Nederlander. 72% van de leerkrachten geeft aan wekelijks een boek te lezen of luisteren in de vrije tijd, terwijl dit voor de bevolking als geheel 48% is (KvB Boekwerk & GfK, 2021, meting 58).

Doelgroep(en)