De leesvaardigheid van Nederlandse kinderen en jongeren staat al jaren onder druk. De nieuwe Versterkingsagenda Taal en andere basisvaardigheden van Judith Tielen (staatssecretaris OCW) bevestigt wat onderzoek en praktijk al langer laten zien: het versterken van leesvaardigheid vraagt om een samenhangende en langdurige aanpak.
Daarbij is aandacht nodig voor wat er gebeurt op school, maar ook thuis, in de kinderopvang, de bibliotheek en de vrije tijd. Leesvaardigheid ontwikkelt zich niet alleen in de les. Kinderen groeien op in een omgeving waarin ouders, leraren, pedagogisch professionals, bibliotheken, jeugdgezondheidszorg en andere partners samen bijdragen aan taalontwikkeling, leesgedrag, leesmotivatie en leesplezier.
Lezen vraagt om een gezamenlijke inspanning
In de agenda kiest het kabinet nadrukkelijk voor een brede benadering. Naast aandacht voor taalonderwijs op school is er ruimte voor voorlezen, leesbevordering, ouderbetrokkenheid, jonge kinderen, de doorgaande leeslijn, bibliotheken en samenwerking rond lezen. Ook de rol van de omgeving van het kind krijgt een prominente plek.
Dat sluit aan bij de kennis en ervaring die de afgelopen jaren is opgebouwd met programma’s als BoekStart en de Bibliotheek op school. Ook initiatieven zoals de Inspiratiescholen van de Kennistafel Effectief Leesonderwijs, onderzoek naar effectief leesonderwijs en de kennisdeling van Stichting Lezen krijgen herkenbaar een plek in de agenda. Daarnaast onderstreept de agenda het belang van maatschappelijke initiatieven die lezen zichtbaar maken en stimuleren, zoals de campagne Wie leest heeft een goed verhaal van de Leescoalitie.
Positief over aandacht voor leesbevordering
De agenda bevat verschillende elementen die bijdragen aan een sterke leescultuur. Zo wordt ingezet op rijke taal- en leesomgevingen, meer aandacht voor lezen op school, structurele samenwerking tussen scholen en bibliotheken, ondersteuning van jonge kinderen en verdere kennisdeling over effectief leesonderwijs. Ook krijgen bibliotheken een stevigere positie in de ondersteuning van scholen en kinderopvang.
Een kwestie van volhouden
De versterkingsagenda laat zien dat het besef breed wordt gedeeld: de dalende leesvaardigheid vraagt om een gezamenlijke inspanning van onderwijs, ouders, bibliotheken, kinderopvang en overheid. Tegelijkertijd is duidelijk dat een trend die zich over jaren heeft ontwikkeld, niet van de ene op de andere dag kan worden gekeerd.
Volgens Tamar van Gelder, directeur-bestuurder van Stichting Lezen:“We weten steeds beter wat werkt: kinderen hebben tijd nodig om te lezen, toegang tot boeken, professionals die lezen stimuleren en volwassenen die het goede voorbeeld geven. Leesvaardigheid versterken vraagt daarom om een meerjarige, samenhangende aanpak waarin school, thuis en vrije tijd elkaar versterken. Het is goed dat die brede benadering in deze agenda zichtbaar is. Nu komt het aan op samenwerking, uitvoering en vooral op volhouden.”

