3 september 2026

Hoe wordt er gelezen in gezinnen waarin naast het Nederlands ook andere talen worden gebruikt? En wat hebben ouders nodig om de leesontwikkeling van hun kinderen te ondersteunen? Nieuw onderzoek van Motivaction geeft meer inzicht in de taal- en leespraktijken van Nederlanders met een Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Caribische achtergrond. 

Kinderen lezen boek naast boekenkast

Stichting Lezen en de KB, nationale bibliotheek namen gezamenlijk met negen vragen deel aan de Omnibus biculturele Nederlanders 2026. Voor Stichting Lezen is het onderzoek waardevol omdat het meer zicht geeft op de verschillende taalomgevingen waarin kinderen opgroeien en op de rol die lezen daarin speelt. 

Meertaligheid verschilt per gezin 

De resultaten laten zien dat Nederlands en andere thuistalen in veel gezinnen naast elkaar worden gebruikt. Het onderzoek laat specifiek zien dat andere thuistalen óók bij lezen worden gebruikt. Bij de Turkse respondenten leest bijvoorbeeld 85% thuis in het Turks, bij Marokkaanse respondenten 55% in Berbers/Tamazight en 28% in het Arabisch. Onder Surinaamse respondenten leest 29% in Sranantongo en onder Caribische respondenten 31% in het Papiaments. Tegelijkertijd wordt in alle groepen ook veel in het Nederlands gelezen. 

Hoe dat gebeurt, verschilt tussen de onderzochte groepen. Ook bij het praten en (voor)lezen met kinderen speelt het Nederlands een belangrijke rol, naast talen als Turks, Berbers/Tamazight, Sranantongo en Papiaments. 

Ouders verschillen bovendien in de manier waarop zij het lezen van hun kinderen stimuleren. Zo noemen Turkse ouders relatief vaak luisterboeken, Marokkaanse ouders het lenen of ruilen van boeken via familie en vrienden en Surinaamse en Caribische ouders het cadeau geven van boeken. Vooral onder Turkse ouders is daarnaast behoefte aan praktische informatie over lezen en leesontwikkeling. 

Verschillen in bibliotheekgebruik 

Ook de relatie met de openbare bibliotheek verschilt. Surinaamse Nederlanders bezoeken de bibliotheek relatief vaak, terwijl Turkse en Marokkaanse Nederlanders vaker aangeven er nog nooit te zijn geweest. Zij voelen zich ook minder vaak welkom. Caribische Nederlanders geven relatief vaak aan dat er te weinig boeken zijn over hun land of cultuur van herkomst. 

Ook het boekenaanbod sluit niet altijd aan. Een deel van de ouders vindt dat de bibliotheek te weinig kinder- en jeugdboeken in de thuistaal aanbiedt, waarbij dit vooral bij boeken voor jongeren naar voren komt. 

De uitkomsten maken duidelijk dat er niet één ‘meertalige lezer’ bestaat. Voor Stichting Lezen biedt het onderzoek nieuwe kennis om leesbevordering beter te laten aansluiten bij de verschillende manieren waarop gezinnen thuis met taal, boeken en lezen omgaan. 

De Omnibus biculturele Nederlanders 2026 is uitgevoerd door Motivaction. Stichting Lezen en de KB, nationale bibliotheek gaven gezamenlijk opdracht om het onderzoek uit te voeren.  

Het volledige onderzoeksrapport is op deze pagina te downloaden

Doelgroep(en)