17 juli 2026

Kinderboekenauteur Janneke Schotveld beschrijft in de Volkskrant een ontwikkeling die volgens haar nauwelijks stof deed opwaaien: protestants-christelijke basisscholen kunnen voortaan via NBD Biblion een boekenpakket bestellen zonder ‘niet-passende titels’. Dat lijkt een praktische voorziening die inspeelt op de behoefte van scholen. In werkelijkheid raakt het aan een principiële vraag. Moet een schoolbibliotheek een selectie van verhalen zijn die binnen een levensbeschouwing past, of moet een schoolbibliotheek een afspiegeling zijn van de wereld?

Het leesbevorderingsprogramma de Bibliotheek op school is daar duidelijk over: ieder kind, ongeacht de school waar het toevallig op zit, moet dezelfde toegang hebben tot een brede collectie waarin verschillende perspectieven naast elkaar bestaan. Bepaal niet voor kinderen welk boek bij hen past, maar geef kinderen toegang tot de volle breedte van wat er te lezen valt en geef ze ruimte om te kiezen. Ook, of juist, voor verhalen die schuren met wat ze van huis uit meekrijgen.

Een ‘op de identiteit afgestemd’ boekenpakket is een breuk met wat het uitgangspunt van elke (school)bibliotheek zou moeten zijn. Dit is geen incident. Wij zien het patroon al langer, ook in onze eigen contacten met scholen en bibliotheken: schoolbesturen die weigeren samen te werken met de bibliotheek omdat die ook boeken over de LHBTIQ+-gemeenschap aanbiedt en schrijvers die niet meer welkom zijn omdat hun werk niet meer ‘past bij de identiteit van de school’. Het Gezamenlijk Collectieplan 2026-2030 van de bibliotheeksector en het IFLA-UNESCO Manifest Schoolbibliotheek 2025 zijn daarover glashelder: geen enkel kind mag de toegang tot een open, inclusieve collectie ontzegd worden op grond van ideologische, politieke of religieuze overtuiging.

Dat NBD Biblion spreekt van ‘vraag en aanbod’, begrijpen we. Maar NBD draagt een verantwoordelijkheid die verder reikt dan klanttevredenheid.* Wie faciliteert dat scholen zich per denominatie kunnen afschermen van ‘ongemakkelijke’ verhalen, normaliseert een tweedeling die niemand hardop zou verdedigen als je hem zo opschrijft: één schoolbibliotheek voor wie evolutietheorie en regenbooggezinnen aankan, en één voor wie dat liever niet krijgt voorgeschoteld.

Wij realiseren ons dat artikel 23 hier meespeelt en dat die discussie niet in een paar zinnen beslecht wordt. Maar de vrijheid om een school naar eigen identiteit in te richten, is iets anders dan het recht om te bepalen met welke verhalen een kind kennis mag maken. Dat laatste is geen onderwijsvrijheid, dat is een kind iets onthouden waar het recht op heeft.

De openbare bibliotheek moet met een school in gesprek kunnen gaan over de collectie, zodat bibliotheekmedewerkers de gelegenheid krijgen om een divers en inclusief boekenaanbod te introduceren in de school. Ook boeken die verder afstaan van de levensovertuiging van ouders, kinderen en leraren. Vaak blijkt een boek minder bedreigend dan gedacht.

We roepen scholen, besturen en beleidsmakers op om vast te houden aan één uitgangspunt: een schoolbibliotheek is er voor ieder kind, met dezelfde brede, diverse collectie. Omdat verhalen kinderen in aanraking brengen met wat ze nog niet kennen. De ene keer veilig met een boek op de bank, de andere keer door samen met leeftijdsgenoten iets te lezen en daarover te praten in de klas.

Geen kind zou die ervaring mogen missen. Niet om zijn geloof, niet om zijn achtergrond, niet om wie zijn ouders zijn.

Adriaan Langendonk en Bart Droogers

* NB: Stichting Lezen heeft contact met NBD Biblion over dit onderwerp. Wij vinden het belangrijk om ook met andere betrokken partijen, zoals scholen en bibliotheken, het gesprek te voeren over hoe de uitgangspunten van de leesbevorderingsprogramma’s, keuzevrijheid en inclusieve toegang tot boeken voor alle kinderen geborgd blijven. NBD Biblion heeft aangegeven hierover met ons en het veld in gesprek te gaan.