10 februari 2021

Het bereik van boeken, kranten en tijdschriften (gedrukt en digitaal) ligt overdag constant op minstens 3% van de bevolking. Het hoogtepunt vindt plaats tussen 8.00 en 10.00, als 11% aan het lezen is. In de middag en avond ligt het percentage lezers vrij constant tussen de 6% en 8%. Het aantal mensen dat leest is in vergelijking met andere media bescheiden. In de avonduren – tussen 20.00 en 23.00 – zit ruim de helft van de bevolking te kijken. Tijdens kantooruren is tussen de 20% en 25% aan het luisteren. Digitale media hebben overdag een redelijk stabiel bereik, met gemiddeld tussen de 10% en 14% voor communiceren en 3% en 4% voor ‘internet overig’ (Waterloo, Wennekers & Wiegman, 2019).

De verschillende leesmedia kennen hun eigen piekmomenten. De krant wordt vooral in de vroege uren gelezen, wat ook geldt voor tekstberichten op websites en in apps. In de avonduren zijn boeken het meest in zwang. Het gebruik van de andere leesmedia is vrij gelijkmatig verdeeld over de dag en op alle momenten lager dan deze van kranten en boeken (Waterloo, Wennekers & Wiegman, 2019).

De populairste plaats om boeken te lezen is thuis. De stoel of bank wordt door 72% van de Nederlanders genoemd, het bed door 52% en het bad door 10%. Buiten de deur wordt er vooral gelezen op het strand (28%) – mogelijk gekoppeld aan een vakantie – het openbaar vervoer (24%), de wachtkamer (17%) of een horecagelegenheid (4%) (KvB Boekwerk & GfK, 2018, meting 43).

Doelgroep(en)