Nieuwe Prinsengracht 89  1018 VR  Amsterdam   020 623 05 66  info@lezen.nl Stichting Lezen op Twitter Stichting Lezen op FacebookNieuwsbrief         Frysk  English  Contact  Login

Verdieping PISA-resultaten bevestigen noodzaak effectief leesbevorderend onderwijs

Datum: 
8 oktober 2020

Nederlandse 15-jarigen scoren slecht -en steeds slechter- op leesvaardigheid, zo bleek eind 2019 uit het internationaal vergelijkende onderzoek PISA. Nu laat een verdiepende analyse zien dat ze minder tijd besteden aan lezen en er minder plezier aan beleven. Dat is belangrijk, zeggen de onderzoekers, omdat leesplezier en leesvaardigheid in elkaars verlengde liggen.

Directeur Stichting Lezen Gerlien van Dalen: “De inzichten ondersteunen  het huidige leesbevorderingsbeleid. Er is effectief leesbevorderend onderwijs nodig, met een integrale aanpak voor leesvaardigheid en leesplezier. We zijn onlangs met de Bibliotheek op school, de Bibliotheken Z-O Fryslan én lokale schoolbesturen in een project  met die aanpak begonnen. Die kant willen we en moeten we op”

Sterke samenhang leesplezier en leesvaardigheid
De rapportage PISA-2018 de verdieping; leesplezier, zelfbeeld bij het lezen, leesgedrag en leesvaardigheid en de relatie daartussen  is op 8 oktober 2020 gepubliceerd. Uit de rapportage blijkt dat voor Nederlandse 15-jarigen, net als voor Duitse en Vlaamse leeftijdsgenoten, het leesplezier een sterke samenhang vertoont met de leesvaardigheid. Tevens geeft het ondernemen van algemene leesactiviteiten, zoals het lezen van boeken in fictie en non-fictie, stripboeken, kranten en tijdschriften, een sterk verband. Het ondernemen van online leesactiviteiten, zoals e-mailen, informatie zoeken en nieuws lezen, hangt ook samen met de leesvaardigheid, maar minder sterk dan het leesplezier en de algemene leesactiviteiten.

Vwo-leerlingen lezen het meest voor plezier
Het opleidingstype maakt blijkens de verdiepende analyse verschil voor het leesplezier en het leesgedrag. Vwo-leerlingen vinden lezen leuker en doen het vaker voor het plezier dan havisten, en zij vinden lezen weer leuker en doen het vaker voor het plezier dan vmbo-leerlingen. Voor het lezen van fictie zijn de verschillen tussen de opleidingstypen het grootst. Terwijl acht op de tien vwo-leerlingen en twee derde van de havisten weleens fictie lezen, gaat het op het vmbo in de gemengde en theoretische leerweg om de helft, in kaderberoeps om een derde en in basisberoeps om een kwart van de leerlingen. Deze verschillen liggen in lijn met de verschillen voor leesvaardigheid, waarin vwo'ers vaardiger zijn dan havisten en zij weer vaardiger zijn dan vmbo'ers.


Lees ook ons persbericht Stichting Lezen: leesbevordering belangrijker dan ooit  (3 december 2019)
Lees ook ons achtergrondartikel bij PISA-2018: Urgentie inzetten op leesmotivatie in het onderwijs hoog 
Lees ook de Leesmonitor voor de belangrijkste resultaten uit PISA-2018