Nieuwe Prinsengracht 89  1018 VR  Amsterdam   020 623 05 66  info@lezen.nl Stichting Lezen op Twitter Stichting Lezen op FacebookNieuwsbrief         Frysk  English  Contact  Login

Lezen onderzocht

Een onderzoek naar achtergrondkenmerken, leesopvoeding en taalprestaties in laaggeletterde gezinnen

Iedereen weet het: goed kunnen leren begint met goed kunnen lezen. Daarom zijn leesmotivatie en leesvaardigheid van cruciaal belang in het onderwijs. In deze bundel zijn hierover dertien artikelen samengebracht, de opbrengst van het wetenschappelijk congres dat Stichting Lezen eind 2016 organiseerde onder de titel Succesvol lezen in het onderwijs.

Wat beweegt het boek? Over de opbrengsten van lezen.

Lezen is goed voor je, het maakt je tot een beter mens. Dit wordt met grote regelmaat beweerd, maar klopt het ook?

Kila van der Starre (Universiteit Utrecht) onderzocht hoe volwassenen in Nederland met poëzie in aanraking komen.

Stand-van-zakenonderzoek naar het voorleesbeleid en de voorleespraktijk van Nederlandse kinderopvanginstellingen.

literatuurstudie naar de invloed van (re)creatief schrijven op lezen

Literatuurstudie naar de psychologische opbrengsten van lezen

Een verkenning van de beschikbare literatuur over het lezen, en met name over het literaire lezen, in de 21e eeuw.

Hoe ziet de voorleescultuur in Nederlandse gezinnen eruit? Om dit te onderzoeken brachten Roel van Steensel en Nicole Lucassen de voorleesopvattingen en het voorleesgedrag in dertien diverse gezinnen in kaart. 

Een jaar literatuuronderwijs in groepen 7 en 8 van de basisschool. 

Verslag van promotieonderzoek van Gertrud Cornelissen naar het effect van boekgesprekken op de ontwikkeling van literaire competentie bij kinderen in de groepen 7 en 8 van de basisschool.

Dit onderzoeksrapport geeft een actueel beeld van de stand van zaken rond lees- en literatuuronderwijs in havo en vwo.

Je hoort regelmatig beweren dat digitaal lezen anders lezen is. Hoeveel bewijs bestaat er voor deze stelling? En als we anders lezen van het scherm, welke verschillen zijn er dan? En hoe kunnen leesbevorderaars daarop inspelen?

onderzoek naar redenen en oplossingen

Lezen in de vrije tijd is goed voor de taalontwikkeling van een kind en bevordert onderwijssucces. Voor veel kinderen is de drempel om te lezen echter hoog; zij kunnen het wel, maar doen het niet.

Ouders die meedoen met BoekStart en hun baby al voor dat deze acht maanden oud is voorlezen, hebben kinderen die hoger scoren op taal.

Positieve leeservaringen in de kindertijd vormen de basis voor een leven lang lezen. Het is dan ook belangrijk dat kinderen structureel te maken krijgen met leesbevordering en literatuureducatie. Baby’s, peuters, kleuters, kinderen en tieners, allemaal verdienen zij een aanpak op maat.

Vrij lezen in het Entree-onderwijs

In de curricula van mbo-opleidingen blijft de aandacht voor lezen over het algemeen beperkt tot lezen voor de vakopleiding. Dit is niet altijd de manier van lezen waardoor studenten gemotiveerd raken. 

De seksekloof: hoe krijgen we jongens aan het lezen?

Tweede Leesmonitor - Het Magazine

Spin-off van de Stichting Lezen-website Leesmonitor.nu. Stichting Lezen wil met dit magazine actuele onderwerpen rond de leescultuur voorzien van feiten en duiden aan de hand van het daarover beschikbare onderzoek.

Wie meer leest wordt beter in taal. Dit klinkt niet alleen logisch, het is ook echt zo. Meer lezen heeft een bewezen positief effect op woordenschat, spelling, grammatica, begrijpend lezen en schrijven. Deze brochure beschrijft, op basis van wetenschappelijk onderzoek, hoe vrij lezen op school en vrijetijdslezen thuis bijdragen aan de taalontwikkeling van vmbo-leerlingen.

In onderzoeksverslag #BOOK zijn de effecten onderzocht van een – op Amerikaans voorbeeld gemodelleerde – bibliotherapietraining. Het onderzoek wijst uit dat #BOOK een positief effect had op zowel het leesbegrip, de leesattitude als de sociaal-emotionele competenties van de leerlingen.

 

Onderzoek naar verschillen in de leesopvoeding tussen vaders en moeders.

Onderzoek over de plaats van jeugdliteratuur in de pabo-curricula.

Samenvatting van internationale onderzoeksresultaten over leesverschillen tussen jongens en meisjes.

Veel leerlingen in het voortgezet onderwijs ervaren problemen bij het lezen van hun studieboeken. Educatieve uitgevers streven dan ook naar teksten die begrijpelijk zijn, en die het verwerken en reproduceren van informatie voor leerlingen makkelijker maken. Maar hoe ziet optimaal begrijpelijk lesmateriaal er eigenlijk uit? En welke tekstkenmerken dient dit lesmateriaal te hebben?

Onderzoek naar de leesattitude, het (digitale) leesgedrag en de vrijetijdsbesteding van Vlaamse jongeren tussen 9 en 12.

Onderzoek naar de effecten van gedigitaliseerde avi-boekjes voor beginnende lezers.

De aarzelende lezer over de streep is het resultaat van het wetenschappelijk congres van Stichting Lezen eind 2012.

 Lezers van e-boeken zijn geënquêteerd over hun mening over het leesproces en de leeservaring van hun apparaat.

Leerkrachten over de opbrengsten van De Nationale Voorleeswedstrijd

Rapportage over de stand van zaken rondom lezen en voorlezen in de buitenschoolse opvang (BSO).

Onderzoeksrapport over de leeswereld van kinderen van 7 tot 15 jaar.

Onderzoek naar literatuuropvattingen op open protestants-christelijke basisscholen. De literatuuropvattingen op deze basisscholen blijven vaak impliciet: ze vinden geen basis in een bredere visie op de leescultuur op school, op de vormgeving van de levensbeschouwelijke schoolidentiteit of op onderwijs met pedagogische kwaliteit.

Onderzoek naar het effect van het project De Schoolschrijver.

Printuitgaven van Leesmonitor.nu verschenen ter gelegenheid van het wetenschappelijk congres op 8 november 2012

Overzicht van de belangrijkste resultaten van het proefschrift van Natascha Notten, specifiek gericht op de leesopvoeding die ouders aan hun kinderen bieden.

Periodiek onderzoek met als doel het voorleesklimaat in kindercentra te onderzoeken en inzicht te verschaffen in behoeften van de kindercentra en de mate waarin de activiteiten van Stichting Lezen hierin voorzien. In deze laatste editie is speciaal aandacht besteed aan de kindercentra die deelnemen aan BoekStart.

Mensen die veel literatuur lezen weten hoe krachtig de ervaring is die een boek hen kan bieden. Maar waar bestaat de literaire ervaring precies uit? En wat levert deze ervaring op, zowel voor de lezer als voor de samenleving?

Promotieonderzoek naar de ondersteuning van de sociaal-emotionele ontwikkeling van kleuters door het voorlezen van prentenboeken.

Inventariserend onderzoek naar de rol van ouders en voorlezen voor de ontwikkeling van kinderen en hun schoolprestaties. 

Bundeling bijdragen aan het wetenschappelijk congres ‘Waarom zou je (nú) lezen?’ (2010). Wetenschappelijke ontwikkelingen en nieuwe inzichten komen aan de orde; over de stand van het lezen, de functie van lezen voor de ontwikkeling van het individu en de samenleving, nieuwe perspectieven op leesbevordering en opvoeden in de literatuur en de rol van de leerkracht, ouders, de bibliothecaris en de docent. Zij staan immers voor de belangrijke taak lezers wegwijs te maken in de steeds groter wordende omgeving van het lezen.

Een eerste inventarisatie van het digitale literaire leesgedrag onder de Nederlandse bevolking. 

Onderzoek naar het veronderstelde leesbevorderende werking van het vertellen van verhalen aan en door kinderen.

Inventarisatie van Engelstalig empirisch wetenschappelijk onderzoek naar literaire conventies bij kinderen waarvan de resultaten kunnen worden gebruikt als basis voor een literaire leeslijn.

Inventarisatie van de beschikbaarheid van boektitels op basisscholen en voorkeuren van leerlingen en docenten, uitgevoerd door een viertal pabo’s .

Deze Engelstalige winnende inzending voor de Scriptieprijs Stichting Lezen 2010 gaat over de betekenis van digitale media voor ons leesgedrag. 

Onderzoek naar de vraag op welke manier prentenboeken ingezet kunnen worden om de literaire competentie van kleuters te verhogen. Drie subdomeinen van literaire competentie zijn verder uitgewerkt: personages, spanning en ironische humor. Experimenteel is vastgesteld dat het effect van het voorlezen van de prentenboeken met de leesaanwijzingen op de toename van literaire competentie groot is.

Behoeftenonderzoek onder vmbo-docenten Nederlands over het bevorderen van lezen, met bijzondere aandacht voor de rol van docenten en de omgeving, en een overzicht van knelpunten en kansen.

Een onderzoek naar de invloed van productieve literatuureducatie op receptieve literaire vaardigheden en attitudes.

Momenteel winnen digitale bibliotheken – websites met prentenboeken op de computer – aan populariteit in kleutergroepen en ontstaat een nieuwe activiteit: kleuters ‘lezen’ en ‘herlezen’ boeken zonder hulp van de leerkracht.

Verslag van een onderzoek naar het voorlezen van prentenboeken in groep 1 en 2.

Een literatuuronderzoek naar de gevolgen van digitale ontwikkelingen voor het leesproces.

Onderzoek naar de vraag of het in 1997 gestarte leesbevorderingsproject Fantasia nog relevantie heeft.

Samenvatting van een verkennend onderzoek naar de mogelijkheden voor de ontwikkeling van een leerlijn literaire competentie

Onderzoek naar de positie van jeugdliteratuur binnen het vak Nederlands

Bundeling van bijdragen aan het congres Reading and Watching over de vraag wat leesbevordering (nog) legitimeert en in hoeverre het geschreven woord nog iets toevoegt aan de alomtegenwoordige beeldcultuur.

Een onderzoek naar de literaire ontwikkeling van leerlingen in de tweede fase van het voortgezet onderwijs.

Verzameling essays en beschouwingen over het leesgedrag van vmbo-leerlingen.

Effectmeting van een leesbevorderingsproject.

Empirisch promotieonderzoek naar variabelen die verschillen in leesgedrag verklaren. 

Onderzoek naar de stand van zaken rond Leesbevordering op pabo’s en roc’s op basis van gesprekken met docenten.

De doorgaande leeslijn in wetenschappelijk perspectief. Bundeling van bijdragen aan het gelijknamige congres. 

Een inventarisatie van het belangrijkste onderzoek op het gebied van lezen en leesbevordering van de afgelopen tien jaar. 

Onderzoek naar de plaats van literatuur als kunstdiscipline binnen ckv1.

Onderzoek onder jongeren van 16 en 17 jaar uit 5-havo en 5-vwo en een kleine groep volwassenen dat laat zien dat er een positieve relatie bestaat tussen literair lezen en creatief schrijven.

Op het eerste gezicht lijkt het makkelijk om een grens te trekken tussen jeugdliteratuur en literatuur voor volwassenen. Maar in welke categorie valt de adolescentenroman?

Experimenteel onderzoek naar de invloed van tekst- en lezerskenmerken op begrip en waardering voor vmbo-leerteksten.

Empirisch onderzoek naar de vraag of er verband bestaat tussen leesattitude en persoonlijkheidsontwikkeling. 

Welke rol kan de literaire adolescentenroman spelen in het literatuuronderwijs?

Een overzicht van de opzet en uitvoering van Bookstart, een leesbevorderingsprogramma in Groot-Brittannië

Onderzoek naar de vraag of prentenboeken, ondersteund door multimedia, geschikt zijn om de taalontwikkeling te stimuleren bij kinderen die achterblijven

Lezen doen we samen!  is de vertaling van uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek naar lezen en leesgedrag naar de praktijk van leesbevordering van alledag. 

Verkennend onderzoek naar het verband tussen leesplezier en identificatiemogelijkheden bij veertienjarigen

Het schoolvak Nederlands opnieuw onderzocht is een samenvatting van vakliteratuur over literatuur- en leesonderwijs

Onderzoek naar de invloed van de taalnorm op leesbegrip en leesplezier.

Een onderzoek naar de invloed van strategiegebruik, leesmotivatie, vrijetijdslezen en andere factoren op het begrijpend lezen.

Een weergave van vijfentwintig jaar onderzoek naar diverse aspecten van leesgedrag.

Literatuurstudie naar de wijze waarop lezers zich over het actuele boekenaanbod laten informeren en de  rol van de sociale omgeving, de media, de boekhandel, de bibliotheek en het internet in het proces van boekkeuze.

In hoeverre werpt de inspanning van ouders, bibliotheken en middelbare scholen vruchten af om jongeren in contact te brengen met lezen?

Bundeling congresbijdragen waarin deskundigen uit binnen- en buitenland een weergave van hun onderzoek presenteren naar geletterdheid bij adolescenten en jongvolwassenen.

Literatuurstudie naar het effect van tekstkenmerken op begrip en waardering van informele teksten bij kinderen en tieners.

Inventariserend onderzoek naar tekstkenmerken, die bijdragen aan de kwaliteit van studieboeken; in dit geval geschiedenismethoden voor het vmbo.

De afsluitende en integrale publicatie van vijfentwintig jaar onderzoek naar verschillende aspecten van het leesgedrag van kinderen en jongeren in het kader van het project Kind en boek. De publicatie geeft een beeld van het leesgedrag van leerlingen en gaat in op overeenkomsten en verschillen.

Onderzoek naar een marktgerichte indeling van vraag en aanbod in de (openbare) bibliotheek op basis van uitleengegevens, met segmentatieanalyse van leners van fictie (volwassenen).

Onderzoek naar aspecten van het leesgedrag van vmbo leerlingen.

Bundeling congresbijdragen over onderzoek naar geletterdheid bij jonge allochtone en autochtone lezers en de mogelijkheden van intercultureel literatuuronderwijs.

Literatuurstudie naar het gebruik van oude (boeken en andere gedrukte uitgaven, radio en televisie) en nieuwe (digitale) media. Hierbij staat de vraag centraal of deze nieuwe media verdringend werken ten opzichte van het lezen.

Onderzoek naar het voorleesgedrag thuis bij leerlingen en dan vooral allochtone leerlingen, van groep zeven en acht van vijf Amsterdamse basisscholen.

Wat is de plaats van voorlezen en jeugdliteratuur op de pabo's?

Eerste historische inventarisatie van en literatuurstudie over de onderzoeken naar lezen en leesgedrag, waarbij de determinanten, instituties en onderzoeksmethoden aan de orde komen.