Nieuwe Prinsengracht 89  1018 VR  Amsterdam   020 623 05 66  info@lezen.nl Stichting Lezen op Twitter Stichting Lezen op FacebookNieuwsbrief         Frysk  English  Contact  Login

Nederlandse kinderen zijn leesvaardig, maar hebben weinig leesplezier.

Datum: 
8 december 2017

Nederlandse kinderen houden minder van lezen dan leeftijdsgenootjes in andere landen. Inzetten op het vergroten van de (intrinsieke) leesmotivatie van kinderen is raadzaam: het is een bewezen effectieve manier om de leesvaardigheid te stimuleren.

PIRLS 2016

Ongeveer één op de drie Nederlandse tienjarigen ervaart weinig tot geen leesplezier. Dit blijkt uit de deze week verschenen Progress in International Reading Literacy Study (PIRLS). Het percentage leerlingen dat niet van lezen houdt, ligt in Nederland twee keer hoger dan het internationale gemiddelde.

Hoewel Nederlandse leerlingen gemiddeld zeer hoog scoren op leesvaardigheid, blijven de leesscores van ‘onwelwillende’ lezers achter bij die van de rest. Basisscholieren die lezen leuk vinden zijn, met 560 punten in PIRLS, zeer vaardige lezers. Kinderen die lezen enigszins leuk vinden, zitten met 550 punten nagenoeg op de gemiddelde Nederlandse leesscore. Leerlingen die lezen niet leuk vinden scoren daar met 527 punten ver onder. Leesmotivatie is dus de motor achter leesvaardigheid.

Nederlands leesmotivatieonderzoek

Inzicht in de leesmotivatie helpt leesbevorderaars in bibliotheek, boekhandel en onderwijs kinderen en jongeren gerichter te ondersteunen.
In opdracht van Stichting Lezen vroeg DUO Onderwijsonderzoek daarom bijna 6.000 leerlingen tussen de acht en achttien jaar naar hun leesmotivatie. Deze onderzoeksresultaten verschenen ook deze week. Kinderen zijn voornamelijk intrinsiek gemotiveerd om te lezen: zij lezen omdat zij nieuwsgierig zijn naar bepaalde onderwerpen of omdat zij zich zo kunnen onderdompelen in een verhaal. Extrinsieke motivaties, zoals lezen om het beter te doen op school of lezen om bevestiging te krijgen van ouders en leeftijdsgenoten, zijn voor slechts een kleine groep kinderen belangrijk. Dit geldt voor álle groepen leerlingen, ongeacht leeftijd, sekse en opleidingstype.

Effecten van leesinterventies

Deze resultaten sterken Stichting Lezen te blijven inzetten op interventies die gericht zijn op het vergroten van de (intrinsieke) leesmotivatie van leerlingen. Die interventies stimuleren ook de leesvaardigheid. Vooral de leesmotivatie van zwakke lezers gaat onder invloed van dit soort interventies vooruit. Naast diverse leesbevorderingscampagnes en -projecten zet ook het landelijke programma de Bibliotheek op school zich in voor het vergroten van de leesmotivatie. Op 38% van de Nederlandse basisscholen en 11% van de vmbo-scholen wordt inmiddels met dit programma gewerkt. Op deze basisscholen boeken kinderen meer vooruitgang in leesvaardigheid dan kinderen op 'gewone' basisscholen.
Stichting Lezen vertrouwt erop dat naarmate dit programma langer loopt en meer scholen gaan meedoen, de positie van kinderen in studies als PIRLS ook op het gebied van motivatie zal verbeteren.

Over Stichting Lezen

Stichting Lezen is het kenniscentrum voor leesbevordering en literatuureducatie. Een van de taken die het in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vervult, is het uitvoeren van stand van zaken onderzoeken naar het lezen onder kinderen en jongeren. Daarnaast is Stichting Lezen initiatiefnemer, financier en organisator van tal van programma's en campagnes om het leesplezier onder de jeugd te stimuleren.

Noot voor de redactie:
voor meer informatie over dit persbericht kunt u contact opnemen met: Niels Bakker (onderzoeksmedewerker Stichting Lezen) 06 4222 8148 / 020 623 05 66 

Voor meer (recent) leesonderzoek:

Contactpersoon bij Stichting Lezen