3 maart 2021

Verschil migratieachtergrond

Groep 8-leerlingen zonder migratieachtergrond zijn leesvaardiger dan kinderen met een migratieachtergrond. Zij presteren sterker op zowel lezen (begrijpend lezen, opzoeken van informatie en samenvatten) als taalverzorging (spelling, interpunctie en grammatica). Ook zijn ze vaardiger in interpreterend en studerend lezen. Het verschil betreft niet-westerse migranten van de eerste en tweede generatie en, in mindere mate, westerse migranten van de eerste generatie. Westerse migranten van de tweede generatie presteren nagenoeg even sterk als kinderen zonder migratieachtergrond (Inspectie van het Onderwijs, 2018; Cito, 2018; Cito, 2014). Basisscholen waarop hoofdzakelijk leerlingen uit migrantgezinnen zitten, boeken eveneens minder sterke leesprestaties (Inspectie van het Onderwijs, 2018).

Dit verschil blijft bestaan op de middelbare school. Op vijftienjarige leeftijd presteren kinderen met een migratieachtergrond minder sterk op leesvaardigheid. Dit geldt zowel voor leerlingen uit de eerste als tweede generatie. Leerlingen uit de tweede generatie presteren sterker op leesvaardigheid dan leerlingen uit de eerste generatie (OECD, 2019). Jongeren met een migratieachtergrond lopen bovendien een groter risico om laaggeletterd te worden. Aanvullende analyses van het PISA-onderzoek laten zien dat 35% van de vijftienjarigen met een migratieachtergrond presteert op het laagste niveau voor leesvaardigheid, terwijl het 19% van de vijftienjarigen zonder migratieachtergrond betreft (Gubbels et al., 2019, ongepubliceerde analyse).

De kloof voor de migratieachtergrond is tussen 2003 en 2018 gegroeid, en dit betreft in het bijzonder jongens. Dit betekent dat kinderen met een migratieachtergrond, en vooral de jongens, minder sterke kansen hebben gekregen om uit te groeien tot een vaardige lezer. Als rekening wordt gehouden met de aanwezigheid van ouderlijke hulpbronnen in huis, zoals klassieke literatuur, een computer, en een plek om te leren en te studeren, versmalt de kloof. Dergelijke hulpbronnen vergroten de kans van kinderen met een migratieachtergrond om uit te groeien tot een vaardige lezer (Aalders et al., 2020).

Voor migrantenleerlingen uit de eerste generatie geldt dat hoe jonger zij zijn als ze zich in hun nieuwe land vestigen, hoe groter hun kansen om een vaardige lezer te worden. Met name mensen die migreren uit minder ontwikkelde landen profiteren van een vroege aankomst in het nieuwe thuisland (PISA in Focus, 2013).

Oorzaak verschil migratieachtergrond

Dat kinderen van in het buitenland geboren ouders zwakkere lezers zijn, komt niet zozeer door hun afkomst, als wel door hun lagere sociaal-economische status. Dit geldt zowel voor migranten van de eerste als de tweede generatie. Nederland is het enige PISA-land waar de invloed van etniciteit verdwijnt als de welvaart en het opleidingsniveau worden meegenomen in de analyse (OECD, 2011; OECD, 2012).

De herkomst van de ouders wordt daarnaast overruled door de samenstelling van de school. De meeste kinderen met een migratieachtergrond zitten op scholen met veel kinderen van lager opgeleide moeders. Nederland behoort in dit opzicht zelfs tot de koplopers in PISA. Kinderen met een migratieachtergrond hebben, vanwege hun schoolkeuze, een minder grote kans om een vaardige lezer te worden (OECD, 2012).

Tot slot spelen de verwachtingen van het onderwijspersoneel een rol. Leerkrachten in het kleuteronderwijs schatten de talenten en mogelijkheden van kinderen met een migratieachtergrond lager in. Ze besteden bij deze kinderen hierom minder tijd aan geschreven taal. Kinderen met een migratieachtergrond hebben dus vanaf jonge leeftijd geringere kansen, wat zich vertaalt in zwakkere leesprestaties aan het eind van groep 3 (Stoep, 2008).