Nieuwe Prinsengracht 89  1018 VR  Amsterdam   020 623 05 66  info@lezen.nl Stichting Lezen op Twitter Stichting Lezen op FacebookNieuwsbrief         Frysk  English  Contact  Login

Om te beginnen: inleiding Lestips Poëzieweek PO

Datum: 
14 november 2017
Auteur: 
Jos van Hest

Voor de Poëzieweek 2018 verschenen weer drie prachtige bundels vol praktische lestips voor alle niveaus, van kleuterklas tot bovenvouw voortgezet onderwijs. Elke bundel wordt voorafgegaan door een algemene inleiding door een specialist. De opdracht luidde: vertel eens waarom poëzie een plek verdient in het onderwijs. Dit is de inleiding die Jos van Hest schreef voor het basisonderwijs. 

Afbeelding cover bundel 1: basisonderwijs

Als ik meester was op een basisschool zou ik elke dag beginnen met het voorlezen van een gedicht. Daar zijn er genoeg van! Op mijn tafel zouden een paar goede bloemlezingen liggen met gedichten voor kinderen (een paar tips vind je onderaan deze inleiding). Voor verse toevoer zou ik een abonnement nemen op het tijdschrift dichter van uitgeverij Plint (vier nummers per jaar met in elk zo’n 75 gedichten).

Lekker kort

De dag beginnen met een gedicht is heerlijk. Alle kinderen concentreren zich even op het¬zelfde: op een vreemd, vrolijk of droevig gedicht waarover ze zich kunnen verwonderen, dat hen aanspreekt of waarin ze zich herkennen. Per dag is het gedicht van een andere kleur, gaat het over een andere emotie, vertelt het een ander verhaal. Kinderen houden van voorlezen; dat geldt niet alleen voor jonge maar ook voor oudere leerlingen. Voorlezen bevordert samen¬horigheid. En wat ook heerlijk is: een gedicht is lekker kort. Een gedicht voorlezen kost weinig tijd en dat komt goed uit want er moet zoveel gebeuren in het basisonderwijs.

Straatkrantverkoper

Gedichten voorlezen dus, vijf minuten per schooldag. Als je alleen dat al doet, zullen je leer¬lingen er blij mee zijn. En later zullen er een paar wellicht zeggen: ‘Bij die meester/die juf heb ik meegemaakt wat poëzie is. Veel ben ik vergeten van de basisschool, veel van die gedichten ook, maar een paar niet. Zo was er een gedicht over een papegaai, dat zo grappig was, dan lagen we te dweilen van het lachen. En een gedicht over een zwerver, toen we dat hoorden, kwam er een gesprek over daklozen en gekke mensen op straat. Sinds dat gedicht keek ik anders naar de straatkrantverkoper bij de supermarkt. Stel je voor dat het je vader is! Of dat je het zelf bent!’

Muziekdoosjes

Gedichten kunnen je laten lachen en huilen, ze kunnen je scherper naar de wereld laten kijken, je helpen als je je rot voelt, je aan het denken zetten, je laten voelen hoe het is om iemand anders te zijn. En vaak maken ze ook nog ruimte voor onzin en plezier. Soms zijn het muziekdoosjes die je laat klinken door eraan te draaien. Soms zijn het raadsels die je niet kunt oplossen, verzen met wondervleugels, leugens waar waarheid in zit. Soms is het brabbeltaal, soms klinkklare wijsheid.

Verkiezing

Een simpel vervolg op de vijf-minuten-per schooldag zou een afsluiting aan het eind van de week kunnen zijn. Welk gedicht van de vijf (op¬nieuw voorgelezen of eventueel te lezen op het digibord) spreekt je het meest aan? Nummer de gedichten, houd een verkiezing, turf de nummers en bespreek de uitkomst. Waarom heeft dat ge¬dicht ‘gewonnen’? Moet een gedicht altijd ‘mooi’ zijn? Wat is ‘mooi’? Denk jij er anders over? Hoe dan? Diversiteit mag er zijn; smaken verschillen.

Vorm

Na het voorlezen van een gedicht hoeft er soms maar weinig te gebeuren om een gesprek in de klas op gang te brengen. Natuurlijk kun je samen kijken naar hoe een gedicht in elkaar zit, luisteren hoe het als een liedje klinkt, op zoek gaan naar klanken en kleuren die terugkomen, de mooiste regel kiezen, vreemde woorden en wonderlijke beelden bespreken. Dat zijn allemaal vormaspecten waaraan je op een speelse manier aandacht kunt besteden zonder het gedicht dood te analyseren. Een gedicht moet je niet uitputten.

Inhoud

Maar veel gedichten roepen ook inhoudelijk allerlei gevoelens op: verbazing, ontroering, begrip, schaamte, herkenning en pret, om er maar enkele te noemen. Kinderen hebben vaak maar een klein zetje nodig om daarover te praten. Zo leren ze nadenken over het leven en de wereld, over toen, nu en straks. Ze ervaren dat er woorden en regels zijn die gaan over hun herinneringen, dromen, wensen en geheimen. Een gedicht lezen kan een oefening zijn in je je taal eigen maken, fantaseren, je inbeelden, je inleven, je empathisch vermogen ontwikkelen. Poëzie is niet moeilijk, stom of saai; poëzie ben je zelf.

School

Voor de meeste schoolkinderen is de school de enige plek waar ze met poëzie in aanraking kunnen komen. Thuis wordt soms niet meer voorgelezen, er worden geen liedjes gezongen, er zwerven geen boeken rond. Op school kunnen kinderen kennismaken met een andere wereld dan die van thuis, met een andere cultuur, andere gewoontes, andere opvattingen en ideeën. En natuurlijk ook met de wereld die verborgen ligt in henzelf. Poëzie is daar een geweldig vervoermiddel voor.

Bloem

Beste meesters en juffen, zorg daarom voor poëzie op school. Hang poëzieposters op, lees gedichten voor, praat over poëzie, laat kinderen gedichten die hen aanspreken overschrijven in een speciaal verzamelschrift, vraag ze om een lievelingsgedicht uit het hoofd te leren, er een tekening bij te maken, het samen met andere kinderen op te zeggen of uit te beelden. Lees de lessuggesties bij de Poëzieweek, kies eruit wat je goed lijkt, voer ze uit op je eigen manier.
En als je daar geen tijd voor hebt, snoep vijf mi¬nuten van iedere ochtend af en lees een gedicht voor. De wereld van je kinderen - en die van jezelf - zal opengaan als een bloem. Je hoeft er bijna niets voor te doen.

Handige boeken voor lessen met (meer) poëzie:

Als je goed om je heen kijkt zie je dat alles gekleurd is - Tine van Buul en Bianca Stigter (samenstelling) (Querido, 1990)
De Nederlandse kinderpoëzie in 1000 en enige gedichten - Gerrit Komrij (samenstelling) (Prometheus, 2007)
Voel je wat ik voel - Jan van Coillie (samenstelling) (Davidsfonds/Infodok, 2009)
Ik zoek een woord - Hans & Monique Hagen (samenstelling) (Querido, 2013)
Eén gedicht is nooit genoeg - Mia Goes (samenstelling) (Plint, 2015)

Meer over Jos van Hest

Jos van Hest is dichter, presentator en poëzie¬docent op basisscholen en in het voortgezet onderwijs (verbonden aan School der Poëzie). Als dichter schrijft hij zowel voor jongeren als voor volwassenen.